Voedingstekorten kunnen een belangrijke oorzaak zijn voor depressie tijdens en na de zwangerschap

Voedingstekorten kunnen een belangrijke oorzaak zijn voor depressie tijdens en na de zwangerschap

Voedingstekorten kunnen een belangrijke oorzaak zijn voor depressie tijdens en na de zwangerschap

Van aanstaande moeders wordt verwacht dat hun zwangerschap de gelukkigste tijd in hun leven is. 
Helaas gaat dat niet voor alle vrouwen op. Inmiddels weten we wel dat veel vrouwen vooral direct na de zwangerschap last krijgen van postnatale depressie. 
Minder mensen weten dat depressie ook kan toeslaan tijdens de zwangerschap. Zo gek is dat eigenlijk niet. Een zwangere vrouw krijgt veel te verduren: misselijkheid, oedeem, brandend maagzuur en pijn omdat ons lichaam zich moet aanpassen aan een steeds zwaardere belasting. 
 
Tussen 14 en 25% van de zwangere vrouwen zeggen last te hebben van depressieve gevoelens tijdens hun zwangerschap, wat uiteen kan lopen tussen gewoon niet zo vrolijk zijn tot angstgevoelens en zich ronduit verdrietig voelen. 
 
De achterliggende reden voor depressieve gevoelens tijdens de zwangerschap kan hormonaal of psychologisch zijn, maar het loont de moeite ook eens te kijken naar voedingstekorten als oorzaak voor depressieve gevoelens. Tijdens een zwangerschap heeft de groeiende foetus immers een veelvoud aan voedingsstoffen nodig, die lang niet altijd in ruime mate voorhanden zijn. 

De belangrijkste voedingsstoffen waar tekorten een depressie kunnen veroorzaken

Hieronder vindt u een lijst voedingsstoffen, waarvan bewezen is dat ze nuttig zijn om in te nemen als je geen last wil krijgen van een depressie tijdens of na de zwangerschap.
Vrijwel iedereen weet wel dat het belangrijk is om als je zwanger bent of wilt worden extra foliumzuur of nog beter, (bio/methyl)folaat, te slikken. Immers, daarmee voorkom je dat je kindje een open ruggetje krijgt. Vrijwel niemand weet dat foliumzuur ook belangrijk is als je geen last wilt krijgen van een depressie. Vandaar dat we hier apart aandacht aan zullen besteden.
 
 
Omega-3 vetzuren
Omega-3 vetzuren werken ontstekingsremmend en spelen een belangrijke rol in de hersenen, met name op het gebied van geheugen en stemming.
 
Vitamine D
Vitamine D-gebrek neemt pandemische proporties aan, waarvan medici zich nog steeds te weinig bewust zijn. De bekende winterdepressie, die met name in januari en februari de kop opsteekt, blijkt grotendeels veroorzaakt te zijn door een ernstig vitamine D tekort omdat de bloedwaarden dan op het laagst zijn. Dan zijn de zonnestralen namelijk niet krachtig genoeg om bij ons in de huid (pre-)vitamine D aan te maken.
 
Magnesium
Van alle mineralen komt een tekort aan magnesium het vaakste voor. Bijna de helft van de bevolking heeft een tekort aan magnesium.
Voor een groot deel komt dat door onze leefstijl. Slechte voeding (alcohol, zout, suiker en frisdrank), stress en bepaalde medicijnen (antibiotica en diuretica) zorgen er allemaal voor dat er een tekort ontstaat aan magnesium.
Magnesium staat ook wel bekend als het anti-stress-mineraal. Levensmiddelen met een hoog magnesiumgehalte zijn zeewier, groenten en peulvruchten.
 
Vitamine B6 en B12
B-vitamines zoals B6 en B12 zijn erg belangrijk voor onze algehele gezondheid. Dankzij B-vitamines lopen we minder gevaar op hersenbloedingen en hebben we gezondere huid, haar en nagels.
Een tekort aan B-vitamines kan een aanslag vormen op onze geestelijke gezondheid. In een studie uit 2009 bleek dat een kwart van alle depressieve oudere vrouwen een tekort hadden aan vitamine B12.
Een goede bron van vitamine B6 is te vinden in gevogelte, vis, bananen en groene bladgroente.
Vitamine B12 vindt men in dierlijke voedingsbronnen zoals vlees, vis, schaaldieren, gevogelte, eieren en zuivel.
 
Aminozuren
Aminozuren (de losse bouwstenen van eiwitten) zijn belangrijk om de hersenen goed te laten functioneren. Een aminozuurtekort kan ervoor zorgen dat je je lamlendig, wazig, ongeconcentreerd en depressief voelt. Eiwitrijke voedingsmiddelen zijn rundvlees, zuivel, eieren, vis, peulvruchten zaden en noten.
 
IJzer
IJzertekort is een typisch vrouwenprobleem. Eén op de 5 vrouwen die nog menstrueren heeft last van een ijzertekort en dat loopt op naar de helft van alle zwangere vrouwen.
Daarentegen heeft maar 3% van de mannen last van een ijzertekort. Bloedarmoede (een tekort aan rode bloedcellen) is het bekendste verschijnsel van ijzertekort. Andere verschijnselen van een ijzertekort zijn typisch voor een depressie: vermoeidheid, overprikkeldheid, een verminderd denkvermogen en vergeetachtigheid.
Goede bronnen van ijzer zijn (orgaan)vlees, vis, en gevogelte.
 
 
Zink
Zink wordt door een ongelooflijk groot aantal enzymen in ons lichaam (we hebben er meer dan 300) gebruikt dan elk ander mineraal. Zink is essentieel voor veel lichaamsprocessen. Zo is zink belangrijk voor het spijsverteringsproces, waardoor voeding in kleinere deeltjes wordt afgebroken. Ook is zink belangrijk om te voorkomen dat we voedselallergieën krijgen. Alleen al daardoor worden depressies voorkomen. Voedselallergie blijkt namelijk vaak een onderliggende oorzaak te zijn voor depressies. Daarnaast is zink belangrijk bij het herstel en aanmaak van nieuw eiwit door ons DNA.
Tot slot is zink heel belangrijk voor een goed werkend immuunsysteem en werkt het ontstekingsremmend.
 
Jodium
Jodium staat bij veel mensen niet zo op het vizier. Jodium is vooral belangrijk voor een optimaal werkende schildklier. En de schildklier is van belang voor meer lichaamsfuncties dan je denkt, zoals energie, stofwisseling, lichaamstemperatuur, groei, weerstand, hersenfunctie (concentratie, geheugen enz.). Wanneer de schildklier niet optimaal functioneert kan je je heel depressief gaan voelen. Belangrijke bronnen van jodium zijn gejodeerd zout, gedroogd zeewier, garnalen of kelp, een jodiumsupplement.
 
Selenium
Behalve jodium is ook selenium belangrijk voor een optimaal werkende schildklier. Selenium zorgt voor de omzetting van inactief schildklierhormoon T4 naar het actieve schildklierhormoon T3.
Daarnaast is selenium ook belangrijk voor het goed functioneren van een belangrijk antioxidant enzym glutathionperoxidase, die ervoor zorgt dat onverzadigde vetzuren niet voortijdig oxideren.
Paranoten zijn een belangrijke natuurlijke bron van selenium.
 

Folaat is niet alleen belangrijk voor een baby

Folaat of foliumzuur is een B-vitamine die van belang is voor de aanmaak van rode bloedcellen, de eiwitstofwisseling, celdeling, celgroei, en het voorkomen van open ruggetjes (spina bifida of neurale buisdefect).
Behalve dat een gebrek aan foliumzuur ook kan leiden tot bloedarmoede en andere gezondheidsklachten, kan het ook de oorzaak zijn van depressiviteit. Ook blijkt foliumtekort of problemen bij de opname ervan een reden te kunnen zijn dat mensen slecht reageren op antidepressiva. 
 
Folaat wordt van nature in aangetroffen in graan, fruit, groenten, peulvruchten en een aantal andere levensmiddelen. 
Foliumzuur in synthethsche vorm is de goedkoopste en populairste vorm die aan levensmiddelen zoals ontbijtgranen, energierepen of brood wordt toegevoegd. 
Een tekort zou dus amper voor moeten komen. Toch gebeurt dat regelmatig ondanks dat de meeste mensen wel 400 microgram per dag binnenkrijgen. Foliumzuur wordt dan wel vrij snel opgenomen, het wordt namelijk slecht of traag omgezet naar de natuurlijke vorm, biofolaat. 
 
Omstandigheden waarbij de omzetting naar biofolaat slecht gaat, zijn met coeliakie, leverziekten, een specifieke genetische afwijking (MTHFR), alcoholisme, medicijngebruik, nierdialyse en.. zwangerschap. 
Vooral wanneer iemand veelvuldig moet overgeven kan snel een tekort ontstaan. 
 
De bloedwaarden voor folaat zijn niet altijd een goede weergave van de hoeveelheid folaat in het centrale zenuwstelsel. Met name waar sprake is van een ernstig foliumzuurtekort of wanneer bekend is dat de omzetting naar methylfolaat heel beroerd is, is het beter om 5-MTHF (ook bekend onder de naam biofolaat, methylfolaat of gewoon folaat) te slikken en dan bij voorkeur in een hogere dosering dan 100% van de Aanbevolen Dagelijkse Hoeveelheid (400 microgram). 

Folaat voor onbehandelbare depressie

Onderzoekers constateerden voor het eerst in de jaren zestig van de vorige eeuw dat er wel eens een verband kon zijn tussen depressie en foliumzuurtekort. Ofschoon bijna iedereen zich wel eens op een gegeven moment depri voelt, hebben 6 tot 7 procent van de volwassenen op een gegeven moment last van een depressieve stoornis. Vrouwen hebben daar een twee maal grotere kans op dan vrouwen.
 
Ongeveer 50 tot 70% van de antidepressiva-gebruikers hebben geen baat bij het gebruik van antidepressiva.
Na uitgebreid onderzoek bleek dat vooral deze groep patiënten baat kan hebben bij extra suppletie met folaat, wat ook goed wordt verdragen.

Hoe werkt het?

Folaat (of 5-MTHF) is de enige vorm van foliumzuur die in staat is om de bloed-hersenbarrière te passeren en is als zodanig ook belangrijk voor de aanmaak van neurotransmitters. 
Folaat vergemakkelijkt de aanmaak van drie neurotransmitters (serotonine, dopamine en noradrenaline), die erg belangrijk zijn voor de stemming en andere hersenfuncties. 
 
Folaat blijkt de werkzaamheid van een aantal antidepressiva te verbeteren en dan met name van de selectieve serotonine heropname remmers (SSRI) en serotonine-noradrenaline heropname remmers (SNRI).
 
In twee dubbelblind onderzoeken werd aan patiënten naast antidepressiva ook extra folaat of een placebo gegeven. 
Het enige verschil tussen beide onderzoeken was dat in het tweede onderzoek een dubbel zo hoge dosering van 15 mg werd gebruikt. 
Vooral bij de hogere dosering van 15mg bleken patiënten een verbetering van hun klachten te ervaren. 
Folaat wordt ook in hogere doseringen goed verdragen. 
De conclusie uit het onderzoek was dat het toedienen van 15mg folaat bovenop het reguliere SSRI-antidepressivum een verbetering kan brengen bij mensen die eerst geen of weinig baat hadden bij dat middel. 

Aanbevelingen

Het risico op een foliumzuurtekort kan flink toenemen door een te geringe inname of slechte opname/omzetting van foliumzuur door ziekte, medicijngebruik of andere kwalen. Hierdoor is het mogelijk dat mensen depressief worden, wat vervolgens ook moeilijker behandeld kan worden wanneer het onderliggende tekort niet wordt opgelost. 
Supplementeren met folaat kan heel goed uitpakken voor met name die mensen, die slecht reageren op antidepressiva. 
 
Mensen, die medicijnen gebruiken die de opname of omzetting van foliumzuur nadelig beïnvloeden moeten eens gaan praten met hun behandelend arts over het erbij slikken van folaat en welke dosering dan optimaal kan zijn. 
Helaas is een foliumzuurtekort minder eenvoudig vast te stellen dan het lijkt omdat een goede bloedwaarde nog niet hoeft te betekenen dat in het centraal zenuwstelsel ook voldoende aanwezig is. 

Conclusie

Er zijn veel redenen waarom vrouwen tijdens en na de zwangerschap depressief kan raken. Hormonen die door het lijf gieren, slapeloze nachten, enzovoorts.
Soms is sprake van een ernstige depressie, waarvoor professionele hulp nodig is, maar het kan vaker ook een kwestie zijn van het afdoende innemen van de voedingsstoffen, die de meeste invloed op onze stemming hebben.
Naar de hoofdpaginaVolgende blogartikel