Versuikering en veroudering: rol van carnosine

Versuikering en veroudering

Glycatie of versuikering slaat op de oxidatie van eiwitten door glucose. Dit proces neemt u ook waar, wanneer u vlees bruin bakt. Het resultaat is dat glucose of een ander suikermolecuul zich bindt aan eiwit, een proces waarbij het eiwit niet meer haar natuurlijke functie kan vervullen.
Glycatie wordt gezien als een belangrijke oorzaak van het verouderingsproces en is met name desastreus voor diabetici.

Het menselijk lichaam bestaat voor een heel groot deel uit eiwitten. Eiwitten zijn verantwoordelijk voor een goed functionerend lichaam, wat de reden is waarom alles wat eiwitten verhindert om deze functie te vervullen, zo'n schadelijke invloed hebben op de lichaamsfunctie evenals het uiterlijk.

Dankzij het schadelijke effect van suiker en aldehyden (die ontstaan door oxydatie van alcohol), ondergaan lichaamseiwitten een zeer schadelijke verandering wanneer we ouder worden.
Deze schade is een van de hoofdoorzaken voor de veroudering zelf evenals de bekende verschijnselen van ouderdom zoals rimpels, staar en de afbraak van ons zenuwstelsel, met name onze hersenen.

Versuikering treedt vooral op in het bloed bij een klein deel van de genuttigde enkelvoudige suikers: glucose, fructose en het melksuiker galactose. Fructose and galactose worden 10x zo snel versuikerd dan glucose, wat immers de belangrijkste brandstof is voor het lichaam en minder snel 'slachtoffer' wordt van versuikering.

Glycatie is de eerste stap in het proces waarbij suikermoleculen langzaam maar zeker worden omgezet naar de zogenaamde 'ge-Avanceerde Glycatie Eindproducten' (AGEs).
Sommige van deze AGEs zijn goedaardig, maar anderen zijn zeer reactief en betrokken bij veel leeftijdsgerelateerde chronische aandoeningen zoals hart- en vaataandoeningen, Alzheimer, kanker, neuropathie en andere aandoeningen waarbij de zintuigen betrokken zijn, zoals doofheid.
Deze reeks van aandoeningen is het gevolg van de wijze waarop dit glycatie-proces ingrijpt op talloze processen op celniveau en leidt tot de afgifte van allerlei nog schadelijker nevenproducten, zoals waterstofperoxide.

Cellen met een zeer lange levensduur (zoals zenuwcellen en hersencellen), lang-levende eiwitten (zoals kristaleiwitten in de ooglens en het hoornvlies) evenals het DNA, kunnen na verloop van tijd heel veel schade ondervinden. Ook cellen in het netvlies en insuline-producerende bèta-cellen in de alvleesklier lopen grote kans op schade.

Een van de gevolgen van glycatie is het stijver worden van collageen in de bloedvatwand, wat leidt tot een te hoge bloeddruk, met name wanneer men al aan diabetes lijdst.
Behalve dat collageen stijver wordt, wordt het ook zwakker, wat kan leiden tot kleine en grotere verwijdingen in de bloedvatwand, waardoor ook scheurtjes en zelfs hersenbloedingen kunnen ontstaan.

U kunt schade als gevolg van AGEs het snelste herkennen aan veroudering van de huid en extreme pigmentvorming waar deze AGEs de huid ontsteken.
Een andere (en betere) manier om de mate van glycatie te herkennen, is door het HbA1C niveau in het bloed te meten, waarin gemeten wordt in hoeverre hemoglobine versuikerd is over een periode van 3-4 maanden omdat dit ook de gemiddelde levensduur is van rode bloedcellen.

Carnosine en glycatie

Het lijkt er op dat het dubbele aminozuur carnosine (histidine-alanine) in staat is om de celschade die door beschadigde eiwitten wordt aangericht te herstellen. Een probleem bij beschadigde eiwitten is dat ze minder gemakkelijk kunnen worden afgebroken door enzymen die normaal gesproken 'afgeschreven' celstructuren afbreken, waardoor dit soort ongewenst afval rond blijft slingeren.
Uit experimenteel onderzoek blijkt dat carnosine een verbinding aangaat met bewchadigde eiwitten, die daardoor ineens wel kunnen worden opgeruimd.

Carnosine is in staat om de celschade van beta-amyloïden te vermindere. Bèta-amyloïden zijn schadelijke eiwitten die de zenuwen en bloedvaatjes in de hersenen beschadigen. Carnosine kan deze bèta-amyloïden eiwitten op non-actief stellen.

Carnosine voorkomt niet alleen dat er schadelijke kruisverbindingen ontstaan in eiwitten, maar kan ook bestaande kruisverbindingen verbreken, waardoor dat eiwit weer haar normale functie in de cel kan vervullen.
Dat werkt behalve op celniveau ook door op macroniveau, ja zelfs de huid wordt er zichtbaar jonger van.
Schade door glycatie is niet alleen maar kosmetische schade, het is een weerspiegeling van datgene wat er op cel- en orgaanniveau gebeurt in het lichaam, tot en met de ogen en het brein.

Carnosine blijkt in staat om lichaamsprocessen zowel te vertragen als te versnellen waar dat gewenst is. Carnosine kan bijvoorbeeld werken als bloedverdunner bij mensen, waar te snel bloedstolsels ontstaan en juist de aanmaak van bloedplaatjes versnellen, bij mensen met 'te dun bloed'.

Carnosine heeft ook invloed op de werking van het sympathische en paraysympathische zenuwstelsel, die energie toevoeren aan de bijnieren, lever, nireen, alvleesklier, maag en het vetweefsel, waardoor het invloed heeft op veranderingen in de bloeddruk, bloedsuikerspiegel, eetlust, vetstofwisseling en het thermogene effect van vetverbranding.

Carnosine kan ook gunstig uitwerken op het brein. We weten al enige tijd dat er een hoog aandeel carnosine aanwezig is in hersenweefsel, die daar de schade van oxidatie en glycatie kunnen verminderen. Carnosine is in staat om op celniveau ontstekingen te verminderen en de opeenhoping van bèta-amyloïden in hersencellen te verminderen, wat in verband wordt gebracht met diverse hersenaandoeningen.
Dit kan ook afgeleid worden uit het feit dat met name mensen met hersenaandoeningen en diabetes een tekort hebben aan carnosine, mogelijk ook als gevolg van het uitputten van de voorraad carnosine als gevolg van deze ziekte.

Al met al kan L-carnosine nog steeds gezien worden als een van de voornaamste anti-verouderingssupplementen, die ons ter beschikking staan en één van de producten die op vrij korte termijn resultaat heeft met betrekking tot een vitaler ogende huid.

Get every new article on your mail