Terwijl vitamine D altijd en eeuwig met sterke botten in verband wordt gebracht, speelt het een veel belangrijkere rol in je lichaam bij tal van lichaamsfuncties, waaronder ook het immuunsysteem.
Tot voor kort was er amper aandacht voor het belang van vitamine D in de strijd tegen COVID-19 tot in oktober zelfs op tv aandacht werd besteed aan een onderzoek bij patiënten met COVID-19 in een Spaans ziekenhuis, die behandeld werden met een speciale variant op vitamine D, namelijk calcifediol, wat de vorm is die vitamine D (cholecalciferol of ergocalciferol) aanneemt zodra het in de lever is omgezet, wat in totaal ongeveer een volle week in beslag neemt.
Het verschil tussen behandelde en onbehandelde patiënten was opmerkelijk: aanmerkelijk minder mensen kwamen op de intensive care terecht en er overleed slechts één patiënt.
Sindsdien ontstond er wereldwijd een run op vitamine D-supplementen. Genoeg reden om er een blogartikel aan te wijden.
Er blijkt meer dan voldoende bewijs te zijn voor de werkzaamheid van vitamine D bij infectieziekten. Sterker nog, het bewijs ligt al ettelijke jaren op tafel, maar sijpelt slechts langzaam door naar de bevolking, huisartsen, laat staan de instanties.
Terwijl het coronavirus wereldwijd steeds meer slachtoffers maakt en er nog geen vaccin voorhanden is, maken mensen zich terecht zorgen over hun eigen weerstand. Wat te doen naast de eindeloos herhaalde adviezen op te volgen om voldoende afstand te houden, thuis te werken en de 'handen stuk te wassen'?
Je weerstand opbouwen is een van de beste dingen die je kan doen, omdat je immuunsysteem de belangrijkste factor is wanneer het erom gaat een virus te verslaan. Wanneer er wel een virus binnenkomt, om het even of het om COVID-19 gaat of niet, loop je minder risico om ernstig ziek te worden wanneer je een goede weerstand hebt.
Vaak is vitamine C het eerste waar mensen aan denken om hun weerstand een boost te geven. Naar nu blijkt is vitamine D minstens zo belangrijk voor een goede weerstand als vitamine C of andere antioxidanten wanneer het immuunsysteem wordt aangevallen door een virus, zoals bij een verkoudheid of de griep.
Dit is hoe deze zwaar onderschatte vitamine de weerstand helpt verhogen en een virusinfectie te lijf gaat.
Het is van belang om te weten dat vitamine D eigenlijk helemaal geen vitamine is, maar een prohormoon, dat het lichaam zelf aanmaakt als gevolg van een interactie tussen cholesterol (!) de huid en blootstelling aan zonlicht.
Vitamine D wordt al ettelijke jaren bestudeerd vanwege haar (vermeende) effecten op de gezondheid van botten, calciumopname, het hart, en de weerstand. Terwijl experts met elkaar ruziën over de hoeveelheid vitamine D die nodig is om gebreksverschijnselen tegen te gaan, is iedereen het er wel over eens dat er niet genoeg vitamine D in voedsel aanwezig is om een optimale status te bereiken.
Wanneer je vitamine D slikt, verlaag je de kans om ziek te worden na blootstelling aan een virusinfectie, zoals een verkoudheid of de griep met tenminste 10%. Wanneer er al sprake was van een gebrek aan vitamine D, kan het slikken van vitamine D de kans verlagen met maar liefst 50%.
Vooral in landen waar de overheid de bevolking niet aanmoedigt om extra vitamine D te slikken, krijgen de meeste mensen veel minder binnen dan de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid van 600 ie (15 microgram), waardoor hun vitamine D status rampzalig laag wordt.
Sommige groepen lopen een nog veel groter risico op vitamine D-gebrek, zoals mensen met een opname probleem zoals bij darmziekten als de ziekte van Crohn of coeliakie, wanneer sprake is van osteoporose of wanneer er een grotere behoefte is aan vitamine D zoals bij vrouwen, die zwanger zijn of borstvoeding geven.
Verkoudheidsvirussen en griepvirussen zijn besmettelijke luchtweginfecties die de neus, keel en longen aantasten met verschijnselen zoals een verstopte neus, hoesten, moeite met ademen, zere keel, spierpijn en koorts.
Gewoonlijk wordt jaarlijks ongeveer 10% van de bevolking getroffen door de griep terwijl dat naar 20% kan oplopen in een jaar waarin sprake is van een griepepidemie.
Er blijkt een verrassende overeenkomst te zijn tussen de kans dat iemand ernstig getroffen wordt door de griep (of een andere infectieziekte) en in welke mate vitamine D-gebrek daarin een rol speelt.
Dat zijn:
- leeftijd (jonger dan 2 jaar of ouder dan 65 jaar)
- zwangerschap
- chronische ziekte (diabetes, hartaandoening, auto-immuunziekte, etcetera)
- onderdrukte weerstand (HIV, chemotherapie)
Ofschoon er vaccins beschikbaar zijn tegen de griep, bieden deze vaccins slechts bescherming tegen een beperkt aantal stammen, waarvan virologen denken dat deze het komende griepseizoen zullen domineren.
Soms hebben ze het mis en dan biedt het griepvaccin slechts weinig bescherming tijdens het griepseizoen.
Wat ongewijzigd blijft is de behoefte van het eigen immuunsysteem aan vitamine D voor een optimale werking, waardoor het zinvoller is om daarnaast te supplementeren met vitamine D dan uitsluitend te vertrouwen op de werkzaamheid van een vaccin.
Bovendien versterkt vitamine D de werkzaamheid van het griepvaccin.
Er blijkt zelfs een direct verband te zijn tussen de vitamine D-status en de kans om griep te krijgen: mensen met de laagste serumconcentratie aan vitamine D liepen het grootste risico om getroffen te worden door een virusinfectie.
Receptoren voor vitamine D zitten op het oppervlak van elke cel die bij het immuunsysteem een rol speelt. Vitamine D bindt zich hieraan. Wanneer dat gebeurt zullen er minder ontstekingseiwitten (cytokines) gevormd worden, die ervoor zorgen dat een ziekte zich voortsleept.
Vitamine D heeft ook een positieve invloed op de aanmaak van eiwitten, die bacteriën en virussen bestrijden. Feitelijk zou je deze kunnen beschouwen als de antibiotica, die het menselijk lichaam zelf aanmaakt.
Vitamine D bevordert dus de aangeboren afweer in het lichaam, die ervoor zorgt dat indringers geen kans krijgen.
De reactiesnelheid van deze aangeboren afweer blijkt in sterke mate te bepalen of we ziek worden en ook hoe lang we ziek zullen blijven na een infectie.
Wanneer echter sprake is van een gebrek aan vitamine D duurt het langer voordat het eigen afweersysteem in actie komt omdat immuuncellen trager de gewenste eiwitten aanmaken.
Het kan helpen om wanneer je getroffen wordt door een virus, onmiddellijk de inname van vitamine D te verhogen om zo sneller te herstellen. Wanneer de vitamine status te laag is, zal het langer duren voor je weer beter bent.
Uit onderzoek blijkt dat voor elke extra 4 ng/mL (of 10 nmol/L) in het bloed de kans om een stevige griep te krijgen met 7% daalt.
Het is beslist geen toeval dat de jaarlijkse griepepidemie precies samenvalt met de periode waarin we van nature de minste vitamine D aanmaken vanwege een tekort aan zonlicht in de wintermaanden.
Wanneer sprake is van een tekort aan vitamine D kan er een ongewenst onstekingsproces ontstaan, die de naam 'cytokinestorm' heeft gekregen.
Cytokines zijn eiwitten, die een belangrijke rol spelen bij de eigen afweer. Ze kunnen zowel een ontstekingsbevorderende als een ontstekingsremmende werking hebben bij infecties. Onder bepaalde omstandigheden kunnen cytokines ook lichaamsweefsels beschadigen.
Er is sprake van een cytokinestorm wanneer er buitengewoon veel ontstekingsbevorderende cytokines worden aangemaakt als reactie op een infectie.
Deze ontregelde en buitensporige afgifte van cytokines kan diverse lichaamsweefsels ernstig beschadigen, waardoor mensen ernstiger en langduriger ziek worden.
Feitelijk is het de cytokinestorm waardoor er schade ontstaat bij meerdere organen en er sprake is van een ernstige ademhalingsstoornis (ARDS, acute respiratory distress syndrome) wat bepalend is of iemand ernstig getroffen wordt door COVID-19.
Vrijwel onveranderlijk blijken patiënten die het ernstigst getroffen worden door COVID-19 een grote hoeveelheid cytokines aan te maken.
Wanneer sprake is van een vitamine-D tekort blijkt het eigen immuunsysteem slechter te functioneren en de kans op een cytokinestorm veel groter te zijn.
Onderzoekers nemen daarom aan dat er een direct verband is tussen vitamine D-gebrek en het risico op ernstige complicaties bij een COVID-19 infectie. Ook denken ze dat het slikken van vitamine D de kans op complicaties zoals de hierboven genoemde cytokinestorm en andere ongewenste ontstekingsreacties laat afnemen.
Momenteel (oktober 2020) wordt er in allerijl veel klinisch onderzoek verricht om te achterhalen of het zinvol is om aan patiënten met COVID-19 alsnog hoge doseringen vitamine D te geven. Omdat er geen tijd te verliezen is, wordt hierbij met extreem hoge doseringen (tot 200.000iu) gewerkt of met een wat lagere dosis van een vorm die niet nog eens door de lever omgezet hoeft te worden.
Dit is allemaal heel opwindend nieuws, maar het is uiteraard belangrijk om te begrijpen dat het supplementeren met vitamine D alleen niet voldoende is om je volledig te beschermen tegen COVID-19.
Wat wel 100% zeker is, is dat een tekort aan vitamine D de weerstand tegen infecties en ziekten in het algemeen verlaagt omdat het immuunsysteem niet kan functioneren zonder vitamine D.
Wanneer er te weinig zon op de huid komt, zoals het geval is wanneer de R in de maand is (september t/m maart) en ironisch genoeg was dit ook zo voor landen als Spanje of Italië, waar de mensen vrijwel letterlijk werden opgesloten in hun huizen en niet eens naar buiten mochten om in hun eentje te gaan wandelen of fietsen, is het van groot belang om extra vitamine D te slikken om de bloedwaarden voor vitamine D op peil te houden.
Hierbij geldt dat vitamine D3 de natuurlijke vorm van vitamine D is die het snelste in staat is om bloedwaarden op te hogen.
Omdat vitamine D vetoplosbaar is, kan het zich stapelen in het lichaam en loopt men kans op overdosering wanneer je teveel slikt.
Hoeveel te veel is, daar is nog veel discussie over. Sterker nog, de aanbevolen doseringen zijn zeer sterk uiteenlopend van slechts 400iu (10mcg) tot aan 10.000iu (250mcg) afhankelijk van de gezondheidsstatus en hoe goed vitamine wordt opgenomen.
Waar vrijwel iedereen het wel over eens is, zijn de bloed(serum)waarden waarbij sprake is van een ernstig tekort en welke waarden dan wel optimaal zijn.
De beste aanpak is dus om regelmatig je bloedwaarden te laten bepalen omdat je anders nooit weet of je wel de optimale bloedwaarde bereikt met de hoeveelheid die je slikt.
| bloedwaarde vitamine D |
ng/ml |
nmol/L |
| ernstig tekort |
0-10 |
0-25 |
| tekort |
11-20 |
26-50 |
| onvoldoende |
21-32 |
51-81 |
| voldoende |
33-49 |
82-124 |
| optimaal |
50-65 |
125-163 |
| te hoog |
66-100 |
164-250 |
| mogelijk schadelijk |
boven 100 |
boven 250 |
De optimale bloedwaarde is de waarde waarbij vitamine D de algehele gezondheid het meest bevordert en het immuunsysteem het beste assisteert in het tegengaan van infectieziekten.
Er blijkt een eenvoudige rekenformule in omloop te zijn waarmee de meeste mensen in staat zijn om hun optimumwaarde (50-65ng/ml, 125-163nmol/l) te bereiken:
vitamine D-dosering (als IU) = lichaamsgewicht (kg) * 60 .
Dit is de hoeveelheid vitamine D die het lichaam nodig heeft zonder dat er een straaltje zonlicht op de huid valt, zoals in Nederland het geval is in de herfst en de winter wanneer we ons bovendien van top tot teen bedekken tegen de kou.
's Zomers hebben we veel minder extra vitamine D nodig. Een eenvoudige vuistregel is dat 100% van de behoefte gedekt wordt wanneer je in de zon rondloopt waarbij 50% van de huid ontbloot wordt. Dit is het geval wanneer er een mouwloos shirt en korte broek of rok gedragen wordt. Wanneer benen en armen volledig bedekt worden en ook de nek afgeschermd, dan wordt slechts 10% blootgesteld en wordt 20% van de behoefte gedekt, wat meteen verklaart waarom in zulke zonnige landen als het Midden-Oosten en India er een groot tekort aan vitamine D heerst onder de bevolking.
Vitamine D supplementen worden het beste opgenomen wanneer ze samen met visolie (of krillolie) worden ingenomen of bij een vetrijke maaltijd. Magnesium blijkt ook behulpzaam te zijn bij een goede opname. Voorts is het ook aanbevelenswaardig om vitamine D met vitamine K te combineren om zo ongewenste calcium-ophoping in het bloed en de nieren te voorkomen.
Vitamine D is een essentiële voedingsstof voor een goed werkend immuunsysteem. Wanneer het lichaam een tekort heeft aan vitamine D zal sprake zijn van een verminderde weerstand tegen virusinfecties omdat immuuncellen trager reageren. Bij een virusinfectie zal iemand ernstiger ziek worden en ook langer ziek blijven.
Vitamine D is een van de weinige vitamines, die slechts in een gering aantal levensmiddelen worden aangetroffen. Van nature maken we gelukkig zelf de meeste vitamine D in de huid aan als gevolg van afdoende blootstelling aan zonlicht.
Zodoende is het mogelijk om dankzij blootstelling aan zonlicht in de zomer en het innemen van vitamine D in de winter toch een optimale bloedwaarde voor vitamine D te bereiken.