Hoe herken je een vitamine B tekort?

Hoe herken je een vitamine B tekort?

Hoe herken je een vitamine B tekort?

In de massamedia verschijnen er vaak alarmerende verhalen over hoe gevaarlijk voedingssupplementen wel niet kunnen zijn. Daarbij wordt dan steevast onderzoek geciteerd waarin gebruik gemaakt wordt van goedkope synthetische vitamines en niet van de wat duurdere voedingssupplementen.
Uiteraard is je lichaam er niet op gebouwd om onnatuurlijke stoffen te verwerken, die aan je verkocht worden alsof het echte natuurlijke stofjes zouden zijn. In werkelijkheid zijn synthetische vitamines helemaal niet hetzelfde als wat moeder Natuur heeft gemaakt en leveren ze ook niet dezelfde gezondheidsvoordelen op.

Vitaminetekorten kunnen leiden tot een verminderd welbevinden tot aan ziekten aan toe en dragen ook bij aan chronische aandoeningen zoals hoge bloeddruk, dementie en zelfs kanker.
Zo kan je gezondheid, je leervermogen en zelfs je longfunctie er onder lijden als er sprake is van een vitamine B-tekort. B-vitamines assisteren het lichaam in het ontgiftingsproces na blootstelling aan vervuilende stoffen.

Ouderen hebben sneller een vitaminetekort

In een groot bevolkingsonderzoek dat in Ierland onder volwassenen werd uitgevoerd naar het niveau aan vitamine B12 en folaat in het lichaam, bleek dat een veel groter percentage vijftigplussers dan tevoren verwacht werd, leed aan een vitamine B12 en folaattekort.

Van overheidswege wordt in een flink aantal landen veel gegeten voedingsmiddelen zoals ontbijtgranen aangevuld met foliumzuur en vitamine B12 om er zo voor te zorgen, dat er geen tekorten ontstaan. Desondanks blijkt nu dus dat er ondanks dit beleid, toch een vitaminetekort kan ontstaan.
Biofolaat en vitamine B12 zijn van essentieel belang voor een gezonde hersenfunctie, rode bloedcelproductie en de aanmaak en reparatie van DNA evenals van de zenuwfunctie.

Eén op de 8 ouderen blijkt te lijden aan tekort aan vitamine B12 en 1 op 7 een tekort aan biofolaat. Omdat mensen steeds ouder worden, zal dit tekort alleen maar oplopen.
Tot 60 jaar heeft ongeveer 14% een tekort aan beide vitamines, terwijl dit oploopt naar 23% bij tachtigplussers.

Uit eerder onderzoek is al gebleken dat vooral ouderen met een slechte gezondheid, vaak ook een te lage status hebben voor deze 2 vitamines. Dat het tekort hieraan zo wijdverspreid is, is best wel een reden tot zorg.

In de Verenigde Staten is het verplicht om aan bepaalde voedingsmiddelen foliumzuur toe te voegen, maar desondanks heeft ruim 3% van de vijftigplussers een tekort hieraan en wel 20% heeft een tekort aan vitamine B12. .

Een vitamine B tekort is schadelijk voor de gezondheid

Een vitamine B-tekort kan in verband gebracht worden met een veelvoud aan medische klachten.
Van een B12-tekort is bekend dat dit leidt tot schade aan het centrale en perifere zenuwstelsel.
Ook blijkt dat het strottenhoofd dan overgevoelig wordt, waardoor mensen eerder last krijgen van hoestbuien. Na het supplementeren met vitamine B12 treden deze hardnekkige hoestbuien veel minder vaak optreden.

De nadelige invloed van vitamine B12-gebrek op het centrale zenuwstelsel vertaalt zich naar het vaker voorkomen van ouderdomsziekten zoals dementie en Alzheimer.
In de VS lijden inmiddels al ruim 5 miljoen Amerikanen aan Alzheimer en dat getal zal in 2050 doorstijgen naar 16 miljoen.
Uit meerdere onderzoeken blijkt dat het supplementeren met vitamine B6, B12 en foliumzuur de ontwikkeling van Alzheimer kan vertragen.
Behandeling met deze 3 vitamines zorgt ervoor dat het hersenvolume niet zo snel afneemt en er minder atrofie plaats vindt.

Mensen met een psychiatrische aandoening reageren ook positief op supplementeren met B-vitamines. Mensen met schizofrenie blijken beter te reageren op de combinatie van specifieke medicijnen met B-vitamines dan wanneer ze alleen de reguliere medicatie ontvingen.
Dit hangt uiteraard met name samen met de invloed daarvan op de ontwikkeling van neurologische verbindingen.

Andere vitamine B-tekorten komen niet zo vaak voor. Vermeldenswaard is dat er soms sprake is van een genetische aandoening waardoor vitamines uit voeding niet goed wordt opgenomen. Dat kan bijvoorbeeld bij vitamine B3 (niacine) voorkomen, waardoor mensen die hier aan lijden vele malen meer ervan nodig hebben, dan je logischerwijs zou verwachten.

Het lijkt er op dat er een verband is met vitamine B-tekort bij de volgende aandoeningen, zoals AD(H)D, angststoornissen, depressie, obsessief gedrag (OCD) en psychoses. Vitamine B-tekort kan ook de reden zijn voor manisch of paranoïde gedrag en psychoses.
Vitamine B-tekorten worden ook in verband gebracht met:
  • vermoediheid
  • zwakte
  • bloedarmoede
  • huidaandoeningen
  • misselijkheid
  • verward gedrag
  • spijsverteringsklachten
  • zenuwklachten (verdoofd gevoel, tintelende vingers, moeite met lopen)

Wie loopt het meeste risico op een vitamine B-tekort?

B-vitamines beslaan een groep van wel 8 wateroplosbare vitamines, die niet in het lichaam kunnen worden opgeslagen en daarom ook met vaste regelmaat uit voeding moet worden gehaald.
Daarbij is het van belang te weten dat een te langdurig kookproces de biologische beschikbaarheid van veel B-vitamines laat afnemen.

Terwijl vitamine B12 volop aanwezig is in dierlijke producten zoals vlees, vis, melk en kaas, kost het op hogere leeftijd steeds meer moeite om deze vitamine ook daadwerkelijk uit voeding op te nemen.
De biologische opname van vitamine B12 hangt bijvoorbeeld af van de hoeveelheid maagzuur, pepsine en de zogenaamde intrinsieke factor. Wanneer iemand protonpompremmers slikt of maagzuurremmers gebruikt ivm brandend maagzuur zal bij chronisch gebruik ervan ook een vitamine B12-tekort ontwikkelen. Datzelfde geldt voor wie chronisch te veel alcohol drinkt.

Wie maagklachten heeft of last van de dunne darm, zoals bijvoorbeeld iemand met coeliakie of de ziekte van Crohn, zal ook niet of slecht vitamine B12 uit de voeding kunnen opnemen. Dat gaat ook op voor iemand met ernstig overgewicht, die daarvoor de maag geheel of gedeeltelijk heeft laten verwijderen.
Uiteraard zullen strikte vegetariërs en veganisten ook veel sneller een tekort oplopen aan vitamine B12 omdat deze vitamine vrijwel uitsluitend in dierlijke levensmiddelen voorkomt.

Een lage vitamine B12-status is ook vrij algemeen bij rokers, vrijgezellen en mensen met een laag inkomen.

Onder bepaalde omstandigheden hebben mensen tijdelijk meer B-vitamines nodig. Dat geldt uiteraard vooral voor vrouwen die zwanger zijn of borstvoeding geven, maaar ook mensen met een auto-immuunaandoening of AIDS hebben meer B-vitamines nodig.
Een tekort of suboptimale hoeveelheid aan vitamine B6 komt niet zo vaak voor, maar is niet ongewoon bij mensen met een nierziekte, een auto-immuunaandoening zoals reumatoïde artritis of een alcoholprobleem omdat de biologische opname van vitamine B6 dan sterk vermindert.

Ontgifting bij chronische luchtvervuiling

Chronische blootstelling aan bestrijdingsmiddelen en luchtvervuiling doet een flinke aanslag op de status van alle B-vitamines, omdat deze nodig zijn voor het ontgiftingsproces in het lichaam. Dat is wel schokkend om te weten aangezien volgens cijfers van de WHO maar liefst 92% van de wereldbevolking vervuilde lucht inadement en een vervuilde leefomgeving indirect de oorzaak is voor 1 op de 4 sterfgevallen.

Vervuilde lucht is de oorzaak voor schade aan de luchtwegen,het hart en andere organen. Dan is het extra belangrijk om er voor te zorgen dat je genoeg vitamine B in het lichaam hebt om het ontgiftingsproces goed te laten verlopen.

Neurologische voordelen van een optimale vitamine B-status

Biofolaat is één van de B-vitamines die nodig zijn om rode en witte bloedcellen in het beenmerg aan te laten maken en ook om koolhydraten uit voedsel in energie om te zetten.
Ofschoon het lichaam in staat is om zelf biofolaat in de darmen aan te maken, zijn daar speciale darmbacteriën voor nodig, die soms afwezig blijken te zijn in iemands darmflora.
Bovendien is er extra biofolaat nodig wanneer sprake is van snelle groei, wat opgaat voor alle groeistadia van een foetus tijdens een zwangerschap tot en met de puberteit voor tieners en jongvolwassenen.

Daarom heeft men in de VS al in 1990 een wet uitgevaardigd dat alle voedingsmiddelen, die uit granen worden vervaardigd met foliumzuur moeten worden aangevuld, om er zo voor te zorgen dat er geen open ruggetje ontstaat bij pasgeborenen van moeders, die anders mogelijk niet genoeg foliumzuur binnen zouden krijgen.Een open ruggetje is een ernstige aandoening aan de neurale buis, die bij een zwaar tekort aan folaat, zich niet afdoende zal sluiten.
Ofschoon dankzij het toevoegen van foliumzuur aan granen het aantal neurale buisaandoeningen wel behoorlijk is afgenomen, blijkt er meer nodig te zijn om de kans er op echt uit te sluiten, namelijk dat er ook een afdoende hoeveelheid van vitamine B12, choline en methyldonors aanwezig is.

Het lijkt er op dat een optimale hoeveelheid aan biofolaat in het lichaam de ontwikkeling van psychose en autisme bij kinderen verhindert.
Uit een onderzoek bleek dat kinderen, die geboren werden voordat het verplicht werd om foliumzuur aan granen toe te voegen, vaker last hadden van psychoses dan kinderen die na deze maatregel werden geboren.

In hersenscans die van deze kinderen werden genomen toen ze tussen 8 en 18 jaar oud waren, bleken de kinderen die tijdens de zwangerschap afdoende foliumzuur binnen kregen een beter ontwikkelde hersenschors hadden. Deze hersenschors was dikker, waardoor de typisch dunne hersenschors zoals men die bij schizofrenielijders vaak ziet, veel minder snel voor kan komen.

Dankzij foliumzuur is er ook minder risico op het ontwikkelen van autisme als gevolg van blootstelling aan bestrijdingsmiddelen. Met name glyfosaat is berucht om het verstoren van de eigen darmflora, waardoor er minder biofolaat geformd kan worden en er sneller sprake is van een folaattekort.
Vrouwen, die in een omgeving wonen waar veel bestrijdingsmiddelen worden gebruikt, doen er goed aan om als ze zwanger willen worden al preventief de aanbevolen hoeveelheid foliumzuur te slikken om zo te voorkomen dat hun kinderen een autisme-stoornis ontwikkelen.
De onderzoekers schreven dit:
"In het onderzoek blijkt dat kinderen van moeders die tenminste 800 microgram foliumzuur slikten (aanwezig in de meeste zwangerschaps-multivitamines), een aanzienlijk lager risico lopen op de ontwikkeling van een autisme-stoornis, zelfs wanneer hun moeder blootgesteld werden aan bestrijdingsmiddelen, waarbij het risico op het ontwikkelen daarvan aanzienlijk verhoogd is.

Moeders die minder dan 800 mcg foliumzuur binnen kregen tijdens hun zwangerschap en ook blootgesteld werden aan bestrijdingsmiddelen, liepen een veel groter risico op een kind met een autismestoornis dan moeders die tenminste 800mcg foliumzuur slikten en niet aan bestrijdingsmiddelen waren blootgsteld. Dat risico werd nog eens veel groter als ze regelmatig werden blootgesteld aan bestrijdingsmiddelen.
Deze vrouwen liepen het grootste risico als deze blootstelling gebeurde in de 3 maanden voorafgaand aan de zwangerschap tot en met de eerste 3 maanden na de bevruchting."

Folaat of foliumzuur?

Deze twee termen worden heel vaak door elkaar gebruikt, maar het is belangrik om te weten dat er een groot verschil is tussen (bio)folaat en foliumzuur.
Foliumzuur is de synthetische vorm van deze B-vitamines die ontstaat na oxydatie van biofolaat en waarbij een methylgroep ontbreekt.
De biologisch actieve vorm van deze B-vitamine wordt methyltetrahydrofolaat genoemd, of kortweg 5-MTHF.
Foliumzuur heeft echter als voordeel dat het veel stabieler is, terwijl biofolaat een kortere houdbaarheid heeft en ook slecht tegen hitte kan.
Foliumzuur is een goedkoop te maken synthetisch molecuul, terwijl folaat natuurlijk gewonnen wordt.

In de negentiger jaren werd na uitgebreid onderzoek in wel 7 landen besloten om een aanbeveling te doen voor het supplementeren met foliumzuur.
Men nam daarbij aan dat de darmflora wel in staat zou zijn om foliumzuur naar biofolaat om te zetten (door het toevoegen van twee waterstofatomen en een methylgroep) , voordat het in de bloedbaan zou worden opgenomen.
Als die omzetting NIET plaats vindt, is de ingenomen foliumzuur niet alleen nutteloos, maar kan ook nadelige bijwerkingen hebben.

Uit recent onderzoek blijkt bovendien dat deze aanname dat de darmflora foliumzuur wel zouden omzetten, niet blijkt te kloppen.
Door meting van de diverse foliumzuurmetabolieten bij de poortader van de lever, bleek dat het wel lukte om er een methylgroep aan te plakken, maar niet om er afdoende waterstofatomen aan te laten hechten en zo de oxydatie om te keren via een 'reductie'stap.
Dat betekent dat in plaats van de darmbacteriën de lever de taak krijgt toegewezen om foliumzuur om te zetten naar biofolaat.
Dit proces vraagt veel van de lever, waardoor er te veel gereduceerd glutathion ontstaat en er een tekort ontstaat aan NADPH (nicotinamide adenine dinucleotide fosfaat) en methionine, waardoor de lever overbelast raakt.
Het vervelende is, dat de lever dit werk ook allemaal moet verrichten als iemand blootgesteld wordt aan glyfosaat, een van de meest beruchte (ook in NL nog niet alom verboden) bestrijdingsmiddelen.

Haal deze waardevolle voedingsstoffen vooral uit voeding

In het algemeen is het goed om zoveel mogelijk, zoniet alle vitamines uit voeding te halen. Idealiter kiest men dan voor biologische voeding om zo min mogelijk bestrijdingsmidddelen binnen te krijgen al is de situatie in Europa lang zo erg niet als in de VS.
Afhankelijk van uw leefomstandigheden of uw gezondheid is het mogelijk dat u aanvulling nodig heeft van éen of meerdere supplementen.

Wanneer u weet dat u te weinig voedsel eet, die rijk is aan B-vitamines zou u eens moeten denken aan een voedingssupplement. Beperk de suikerinname en eet meer gefermenteerde voeding om zo voor een betere opname van B-vitamines te zorgen en de schade aan mitochondriën en de energiestofwisseling te verminderen.

Omdat alle B-vitamines in de darm worden aangemaakt, is het van belang om genoeg gefermenteerd voedsel en vezelbevattend voedsel binnen te krijgen om zo de darmen te voorzien van genoeg voedingsvezels en goedaardige bacteriën om zo zelf ook afdoende B-vitamines aan te maken.

Samenvatting

Een tekort aan B-vitamines kan leiden tot luchtwegaandoeningen, dementie, psychiatrische stoornissen en bloedafwijkingen.

Bepaalde bevolkingsgroepen lopen een groter risico op een tekort aan B-vitamines, zoals ouderen, mensen die met bestrijdingsmiddelen werken, mensen die protonpompremmers of maagzuurremmers slikken, alcoholisten of mensen met een auto-immuunaandoening.

B-vitamines zijn belangrijk omdat ze het lichaam helpen bij het ontgiftingsproces van met name milieuvervuilende stoffen, die de longen, het hart en andere organen beschadigen.

Dankzij biofolaat is er een verlaagd risico op de ontwikkeling van neurale buisaandoeningen bij babies en de ontwikkeling van autisme en schizofrenie.

Ofschoon de termen biofolaat en foliumzuur vaak door elkaar worden gebruikt, zijn deze twee stoffen niet identiek; foliumzuur kan in extreme gevallen de lever beschadigen terwijl dat bij biofolaat zeker niet het geval is en de schade lijkt sterk op die van het bestrijdingsmiddel glyfosaat.