Wie 's nachts of in een slecht verlichte omgeving niet goed ziet, heeft last van nachtblindheid, wat met een medische term nyctalopie wordt genoemd.
Ofschoon de term 'nachtblindheid' suggereert dat je dan 's nachts helemaal niets ziet, is dat niet het geval. Je hebt eenvoudigweg meer moeite om 's nachts goed te zien, wat vooral hinderlijk is bij deelname aan het verkeer.
Sommige soorten nachtblindheid zijn te behandelen en andere soorten weer niet. Als je weet wat in jouw specifieke geval de oorzaak is van het probleem, kunnen maatregelen genomen worden om dit ooggebrek op te lossen.
Het enige symptoom van nachtblindheid is moeite om in het donker te zien. De meeste overlast daarvan ervaren mensen bij de overgang van een helder verlichte omgeving naar een donkere omgeving, zoals wanneer je op klaarlichte dag een slecht verlicht eetcafé betreedt.
De meeste overlast wordt ervaren wanneer we in het verkeer zulke overgangssituaties meemaken: tegenliggers met te felle of verkeerd afgestelde verlichting of wanneer we een gebied inrijden met weinig straatverlichting.
Er zijn een aantal oogziekten die nachtblindheid kunnen veroorzaken, waaronder :
- bijziendheid of wazig zicht wanneer men naar veraf gelegen voorwerpen kijkt
- staar in de ooglens
- retinitis pigmentosa, waarbij donker pigment zich ophoopt in het netvlies en daardoor tunnelvisie veroorzaakt
- Usher syndroom, een erfelijke ziekte die zowel het gehoor als het gezichtsvermogen aantast
Op oudere leeftijd lopen mensen een groter risico op het ontwikkelen van staar. Daarom hebben ouderen ook eerder last van nachtblindheid als gevolg van staar dan kinderen of jongvolwassenen dat hebben.
In sommige gevallen is vitamine A gebrek de onderliggende oorzaak voor nachtblindheid. Vitamine A, ook wel bekend onder de naam retinol, speelt een belangrijke rol in het omzetten van zenuwprikkels naar beelden op het netvlies. Het netvlies is een lichtgevoelig gedeelte aan de achterkant van het oog.
Wie last heeft van een slecht functionerende alvleesklier, wat heel normaal is bij mensen met taaislijmziekte, heeft vaak moeite met de opname van vet uit de voeding. Wie slecht vet opneemt, heeft ook sneller last van een vitamine A tekort omdat vitamine A vetoplosbaar is. Vanwege het vitamine A tekort krijgt men dan weer eerder last van nachtblindheid.
Mensen met een verhoogde bloedsuikerspiegel of diabetes lopen ook een groter risico op het ontwikkelen van oogziekten, zoals staar.
De oogarts zal onderzoeken of ook echt sprake is van nachtblindheid en behalve de ogen ook het bloed onderzoeken op de vitamine A status en de bloedsuikerspiegel.
Nachtblindheid, die door bijziendheid, staar of vitamine A gebrek wordt veroorzaakt is goed te behandelen. Corrigerende lenzen van een bril of contactlezen verhelpen bijziendheid zowel overdag als 's nachts.
Mocht nachtblindheid dan nog steeds problematisch zijn, laat dit dan aan de oogarts (of opticien) weten, zodat het een en ander nog aangepast kan worden.
Wanneer een deel van de ooglens troebel wordt, is sprake van staar.
Staar kan operatief verholpen worden door een operatie. De chirurg zal de troebele lens vervangen door een heldere lens van kunststof. Als gevolg hiervan zal men aanzienlijk minder last hebben van de met staar gepaard gaande nachtblindheid.
Wanneer sprake is van een vitamine A gebrek, is dat vrij eenvoudig op te lossen door het innemen van extra vitamine A.
Vitamine A gebrek komt niet heel vaak voor omdat de meeste mensen genoeg vitamine A uit voeding halen.
Er zijn ook erfelijke aandoeningen, waardoor het netvlies aangetast wordt. De verzamelnaam voor deze aandoeningen is retinitis pigmentosa. Deze ziekten zijn niet behandelbaar omdat het gen voor het aanmaken van pigment in het netvlies, niet reageert op reguliere medische ingrepen zoals lenzen of operaties.
Mensen met zulke erfelijke aandoeningen kunnen beter niet in het donker deelnemen aan het verkeer.
Nachtblindheid als het gevolg is van aangeboren afwijkingen, is niet te behandelen. Wel is nachtblindheid als gevolg van diabetes te voorkomen door een gezond eetpatroon aan te houden en te voorkomen dat de bloedsuikerspiegel te ver oploopt.
Door voeding te consumeren wat rijk is aan antioxidanten, vitamines en mineralen is het mogelijk om staar te voorkomen. Kies voor voeding wat rijk is aan vitamine A om het risico op nachtblindheid te voorkomen.
De meeste oranje gekleurde voedingsmiddelen zijn uitstekende bronnen van vitamine A, waaronder:
- suikermeloen
- zoete aardappel
- wortel
- pompoen
- mango
Vitamine A is ook aanwezig in:
- spinazie
- boerenkool
- melk
- eieren
Wanneer je last hebt van nachtblindheid, kan je maatregelen nemen voor je eigen en andermans veiligheid. Rijd liefst zo min mogelijk in de nacht tot duidelijk is wat de oorzaak is van de nachtblindheid en deze behandeld wordt.
Zorg ervoor dat je alleen overdag auto rijdt en laat je 's nachts rijden door een vriend, familielid of neem een taxi als je per sé na zosondergang nog ergens heen moet.
Door een zonnebril of een breedgerande hoed te dragen heb je minder last schittering in een helder verlichte omgeving, waardoor het weer makkelijker wordt om een donkerder omgeving binnen te rijden.